
Een diëtist zal altijd benadrukken dat voedingssupplementen niet bedoeld zijn om een gevarieerde, evenwichtige voeding te vervangen. Het beste uitgangspunt is altijd om eerst je voeding te optimaliseren. Toch kunnen supplementen in bepaalde levensfasen of bij specifieke gezondheidsuitdagingen een aanvulling zijn.
In bepaalde situaties kan supplementgebruik zinvol zijn:
Een diëtist raadt vaak de volgende supplementen aan bij specifieke behoeften:
In Nederland en België is vitamine D-suppletie voor vrijwel iedereen aan te raden tijdens de wintermaanden (oktober tot maart). Het lichaam maakt onvoldoende vitamine D aan door beperkt zonlicht. De standaard aanbeveling is 10-20 μg (400-800 IE) per dag.
Voor mensen die weinig of geen dierlijke producten eten, is vitamine B12 essentieel. Veganisten hebben vrijwel altijd een supplement nodig (2,5 μg per dag).
Als je minder dan één keer per week vette vis eet, kan een omega-3 supplement (EPA en DHA) overwogen worden. Plantaardige bronnen bevatten ALA, dat minder efficiënt wordt omgezet.
Bij veel stress, intensieve sportbeoefening of spierklachten kan magnesium soms helpen. De dagelijkse aanbevolen hoeveelheid ligt tussen 300-420 mg.
Een diëtist geeft altijd deze adviezen bij supplementgebruik:
Belangrijk om te weten is dat de marketing van supplementen vaak overtuigender is dan de wetenschappelijke onderbouwing. Voor de meeste gezonde personen met een gevarieerd voedingspatroon zijn weinig of geen supplementen nodig.
Een diëtist zal benadrukken dat supplementen alleen een aanvulling mogen zijn op een gezond voedingspatroon. Ze zijn geen wondermiddel en vervangen nooit de voedingsstoffen uit echte voeding. Enkel bij aangetoonde tekorten of in specifieke levensfasen kunnen ze een waardevolle aanvulling vormen. De beste strategie is altijd om eerst je voedingspatroon te optimaliseren en pas daarna, indien nodig, gericht supplementen te gebruiken.